cross

#genoeggezwegen

Debby Haagmans is moeder van drie, gezondheidszorgprofessional, ouderschapsfanaat, schrijver (Ook Ik Schrijf), dinokwartetgrootmeester, en levenskunstenaar. Zij schrijft voor mama nova over haar leven als moeder. Deze week: genoeg gezwegen.

Huilend omdat al mijn nachtmerries waarheid worden lig ik op een harde tafel in de operatiekamer. Het vruchtwater gutst langs mijn benen. Het felle tl-licht brandt in mijn ogen en vergroot de al aanwezige hoofdpijn. Doodziek en 33 weken zwanger van een baby wiens hartslag ‘dipt’ lig ik rillend van de kou en de paniek te roepen om mijn echtgenoot omdat ik intens bang ben voor de spoedkeizersnede die staat te gebeuren. ‘Mag ik een ruggeprik?’ vraag ik. De anesthesist bekijkt mijn rug, waar littekens zitten vanwege eerdere rugoperaties en zegt: ‘Nee, begin ik niet aan. Als ik dit eerder had geweten misschien wel, maar nu is er geen tijd meer’. Dan breek ik. Eerder geweten? De afgelopen drie dagen heb ik herhaaldelijk om een gesprek met de anesthesist gevraagd, waarop mij (ook herhaaldelijk) werd verteld dat ‘dat wordt bekeken als het moment daar is’ en nu is er ‘geen tijd’? Dit voelt als een gemene straf voor iets wat ik niet verkeerd heb gedaan. Ik huil zachtjes. Mijn jongetje wordt geboren en ik zal er niet zijn voor hem. Te vroeg en te klein en hij zal zelfs zijn mama niet hebben na zijn geboorte. Ik huil, steeds een beetje harder.

Ik ben een en al angst, en van alle dingen die je kan doen of zeggen op dat moment zegt de anesthesist – die voortdurend niet reageert op het feit dat ik zo bang ben – nadat ik voor de zoveelste keer om mijn man kerm: ‘Nee hoor mevrouw, u kan hem niet meer zien’. Mijn paniek wordt nog groter, ik ben ineens heel bang om dood te gaan tijdens de keizersnede en in de verte hoor ik iemand zeggen ‘Maak haar maar weg hoor’. Ook de anesthesist? Ik weet het niet, ik weet niets meer. Iemand laat mijn man toch nog even binnen, ik zeg hem bij de baby te blijven. Wat er ook gebeurt, blijf bij hem. Hij belooft het. Ik ben nog steeds doodsbang als ik onder narcose wordt gebracht. Maar ik overleef het, en mijn jongetje ook.

Die bevalling is 3,5 jaar geleden, er over vertellen doe ik niet snel. Want mijn bevalling was een trauma en wil de buurvrouw van verderop die tussen neus en lippen door vraagt hoe de bevalling was en terwijl jullie elkaar toevallig treffen in de supermarkt dat echt weten? Meestal denk ik van niet, dus ik kies ervoor om te zwijgen. En daarmee hou ik iets in stand, want wij praten te weinig over het trauma dat een bevalling met zich mee kan brengen. Voor de vrouwen wie het betreft is het belangrijk dat de impact van zo’n bevalling wordt erkend, dat er ruimte is voor ook die kant van het krijgen van een kind. Het is zaak dat wij starten met praten en stoppen met zwijgen. De actie #genoeggezwegen van de Geboortebeweging werd geboren vanuit deze gedachte, en heeft nu al een indrukwekkend aantal aanhangers.

Mijn bevalling verliep niet zoals wij ons hadden voorgesteld, en dat was in geen enkel opzicht te wijten aan de anesthesist. Dat is niet uitzonderlijk te noemen, er zijn maar weinig vrouwen bij wie het exact verloopt zoals gewenst. In mijn geval was er geen gedempt licht in onze eigen slaapkamer terwijl ik kalm weeen wegpufte in ons eigen bed, er stond geen flikkerend geurkaarsje op de vensterbank dat mooi licht gaf waardoor ik bloedmooi stond op de foto’s die mijn man zelf zou maken, er was geen achtergrondmuziekje met de melodie van onze liefde en een zacht ter wereld komen van onze zoon. Niets van dat. Wat er wel was: een ziekenhuisopname vanwege het hellp-syndroom, een spoedkeizersnede vanwege foetale nood, een prematuur en dysmatuur kind, en het eindigde met mij op de Intensive Care vanwege complicaties bij de HELLP. Het was een bevalling die aan alle kanten zo traumatisch verliep dat ik er een PTSS aan over hield. Meer dan genoeg inspiratie om mijn ervaringen te delen bij #genoeggezwegen. Toch deed ik het niet.

Want hoewel #genoeggezwegen laat zien dat het trauma rondom een bevalling niet uitzonderlijk is, lijkt de goede nazorg die wij hebben gekregen dat wel. Want er was een gynaecoloog die schoorvoetend toegaf dat hij zich ‘wild geschrokken’ was van hoe slecht het plotseling met mij ging. Er was een andere gynaecoloog die anderhalf uur met ons kwam praten om elk detail van de bevalling die ik deels was vergeten door te spreken. Er was de verpleegkundige die de kolf naast mijn bed zette toen ik in kritieke toestand op de IC lag en met mijn hoofd niet bij kolven zat, de andere verpleegkundige die juichte toen ik mijn eerste 3 milliliter kolfde, en alle anderen die er waren. 24/7. Voor ons allemaal. Ons verhaal had indruk gemaakt, en dat gaf kracht. Zie je, wij zijn niet gek, het was echt wel erg.

Een maand na de bevalling diende ik een klacht in, op aanraden van de gynaecoloog. Een stap die voor veel mensen een brug te ver lijkt, maar voor ons was het heel duidelijk. Niemand die naar eer en geweten handelt verdient het aan de schandpaal genageld te worden, maar als mijn verhaal ertoe zou leiden dat er betere zorg geleverd zou worden aan de volgende zwangere die daar heel bang ligt te zijn, zijn wij het haar verschuldigd. Onze klacht werd intern behandeld, en wat volgde was een lang en indrukwekkend gesprek met de anesthesist. De beste man had geen moment stil gestaan bij hoeveel indruk zijn woorden hadden gemaakt, hij was vooral gericht op het eindresultaat: die baby er zo snel mogelijk uit krijgen. Hij besefte nu pas dat de weg er naartoe voor ouders in kwestie net zo goed telt. Wij werden bedolven onder excuses.

Mijn klacht leidde tot een gesprek tussen de afdelingen die ‘wat moeite hadden met onderling helder communiceren’: anesthesie en gynaecologie. En een half jaar na mijn bevalling lag daar een nieuw protocol in ons ziekenhuis: elke zwangere gaat standaard in week 36 naar de poli anesthesie om eventuele wensen of lichamelijke bijzonderheden door te spreken. Bij een realistische kans op een vroeggeboorte, mag dat gesprek eerder. Toen ik anderhalf jaar na mijn bevalling de anesthesist in het ziekenhuis weer zag zei hij dat hij nu aan elke zwangere die in de ok komt vraagt of ze bang zijn en of ze nog een laatste keer de partner willen zien. Hij keek trots. Een klacht indienen is makkelijk, die klacht aanhoren en daar lering uit trekken is een stuk lastiger. Hij deed het.

Mijn verhaal hoefde ik niet te delen bij #genoeggezwegen, want het trauma is er voor mij al een hele tijd vanaf. Mede dankzij het helende klachtengesprek en de uitstekende nazorg. Ik vind #genoeggezwegen een fantastisch initiatief, maar ik hoop dat we ook onze verhalen gaan neerleggen daar waar ze er iets mee kunnen: bij de zorgverlener zelf. Laat ze maar weten wat je miste, wat je nodig had, laat ze maar weten dat zorg niet eindigt bij die baby op de wereld zetten. Meer dialoog zou zomaar tot zelfreflectie en een verbetering van de zorgverlening kunnen leiden.

3 thoughts on “#genoeggezwegen

    1. Vindt je dat werkelijk? Ze is helemaal vertroeteld en goed opgevangen, ik vind het nogal een zeurderig verwend nest. Zonder een greintje empathie voor anderen overigens.
      Ik heb het gevoel dat ze vooral spullen wil verkopen….

      Ach, karma is a bitch… ze komt zichzelf nog wel een keer tegen als er echt iets akeligs gebeurt in haar leven: een kind verliezen bijv. 😉

      1. Hoi Corine,

        Fijn dat je reageert op onze blog! We willen je vragen om goed na te denken voordat je reageert. We vinden je reactie op deze blog gezien de geschiedenis van de schrijfster (die uit andere blogs duidelijk wordt) tamelijk ongepast. Debby, de schrijfster van dit blog, is moeder van drie kinderen zoals je leest. Twee levende zoons en een dode dochter. In dat licht begrijpen we jouw opmerking niet zo goed. Wellicht wil je die nog toelichten?

        Liefs,
        Het beheer

Geef een reactie